Geplukt Theo Dinnissen

26-4-2018 door: Redactie
Reizen is zijn grootste passie. In de tijd dat reizen nog ongewoon was, hebben Theo en zijn vrouw Lies met de rugzak op de hele wereld gezien. Nu halen ze geld op voor kinderzorgcentra in Flores, Indonesië. Deze week wordt Theo Dinnissen (77 jaar) uit Horst geplukt.
maskTop
Geplukt Theo Dinnissen
maskBottom

Theo Dinnissen is geboren in Walbeck en opgegroeid in Arcen. Op 17-jarige leeftijd ontmoette hij Lies Wanten uit Sevenum in zaal Van Dijck in Lottum. “Ik weet nog dat de maandelijkse dansavonden al om 23.00 uur afgelopen waren, zodat de jongelui het veer van 24.00 uur naar Arcen nog konden halen. Redelijk vroeg als je het vergelijkt met nu. Ik vroeg Lies op een van die avonden of ik haar naar huis mocht brengen”, vertelt Theo. “Ik wist toen echter nog niet dat ik dan helemaal naar Sevenum moest fietsen. Toch heb ik haar naar huis gebracht.” Theo besefte echter niet dat hij zo het laatste veer naar Arcen zou missen en dus over Venlo terug moest fietsen. Theo lacht: “Ja, dat was een lange fietstocht. Maar het was het dubbel en dwars waard.”

Na zeven jaar verkering stapten Lies en Theo in het huwelijksbootje. Theo werkte toen in Venlo, waar hij zeven jaar lang werkte bij een accufabriek. Na de accufabriek werkte hij één jaar in Alblasserdam bij een onderwijsinstelling en eindigde uiteindelijk in Horst aan de Maas, bij Hinderwetzaken. “Dit was de voorloper van Wet milieubeheer en toen nog onderdeel van bouw- en woningtoezicht. Hier heb ik mij veertig jaar lang beziggehouden met milieuzaken. Het woord milieu was toen nog niet uitgevonden. Dit was een gemeentelijk afdeling die werkte voor Horst, Meerlo-Wanssum, Broekhuizen, Grubbenvorst en Sevenum. Dat kwam goed uit omdat Lies in die tijd op een basisschool in Sevenum werkte. We kochten een huis in Horst en vonden daarin ons thuis.”

Met Horst als thuisbasis trokken Theo en Lies de hele wereld over. Ze maakten hun eerste reis toen ze rond de 30 waren. Ze gingen op vakantie naar Italië. Daarna volgden reizen naar Tunesië, Turkije en IJsland. Maar het reisvirus kregen hen pas echt te pakken tijdens een reis door Afghanistan. “Vanuit onze reis naar IJsland ontstond een vriendengroep waarvan er één voorstelde om een reis naar Afghanistan te maken. Twee jaar hoorden we niets meer van het voorstel tot we in 1976 bericht kregen: stuur je paspoorten op naar Brussel voor een visumaanvraag, want we gaan naar Afghanistan”, vertelt Theo. “Ter voorbereiding ging ik naar Rabobank en vroeg daar of ze misschien Afghaans geld hadden. Ik zal nooit meer de uitdrukking op het gezicht van de bankmedewerker vergeten. ‘Afghaans?’ zei hij. ‘Wat is dat?’ Daarna volgden reizen naar Pakistan, India, Peru, Ecuador, Bhutan, Tibet, Galapagos, Kenia, Zaïre, Oeganda en vele andere landen.”

In 1984 reisde Theo met zijn vrouw en twee vrienden voor het eerst naar Flores. “Lies en ik waren al eerder in Indonesië, maar toen waren we op Sumatra, Java en Bali. In 1984 wilden we eigenlijk naar de Alor-archipel ten oosten van Flores. Vanuit Bali naar de westkust van Flores vliegen, met een auto in één dag naar de oostkust rijden en dan met een veerboot naar Alor: dat was het plan. Het vliegtuig maakte een tussenlanding op Soembawa en daar bleek het ineens kapot te zijn. We hebben toen een veerboot naar de westkust van Flores kunnen regelen. Daar zaten we dan. Op een veerboot omringd door van alles en nog wat: van meubilair tot geiten en schapen. De mensen spraken geen Engels en wij grote blanke Europeanen waren zelf een grote bezienswaardigheid in die tijd,” zegt Theo. “De reis door Flores was heel bijzonder, mysterieus en indrukwekkend en duurde dan ook drie weken. Alor hebben we niet meer bereikt.”

Op de voorlaatste dag van de vakantie waren Theo en Lies in het dorp Maumere in het oosten van het eiland. Hier was, volgens hun Lonely Planet-gids, op de top van een berg een van de mooiste uitzichten te vinden. Hoewel er het plan was om dit uitzicht te bezichtigen, hebben Theo en Lies de bergtop nooit bereikt. Theo vertelt: “Boven op de berg stond een man die zich voorstelde als pater Schouten. Alsof hij ons verwacht had nam hij ons mee naar het kindertehuis van mama België. We waren stomverbaasd en dachten: “Waar zijn we nu in godsnaam terecht gekomen?” We waren er inmiddels wel al achter dat we verdwaald waren en op de verkeerde berg stonden. De ontmoeting met mama België, een Belgische ontwikkelingswerkster, was zo indrukwekkend en bijzonder dat ze ons hele verdere leven heeft bepaald.”

Theo en zijn vrienden gingen vanuit Nederland goederen verzamelen en opsturen. Toen in 1992 door een tsunami voor de kust van Flores enorme schade veroorzaakte en er drieduizend doden vielen, richtten Theo en Lies stichting Nativitas op. De stichting is het leven van Theo en Lies geworden en bestaat nu al 25 jaar. “In die tijd heeft Nativitas samen met vele anderen, waaronder we zeker het Citaverde college niet mogen vergeten, bijna vijfduizend kinderen uit de meest armoedige gezinnen een menswaardig en zelfstandig leven kunnen geven.”

Tip of mail de redactie Druk dit artikel af
Disclaimer | Copyright© 2018 Kempen Media b.v. | Ontwerp & realisatie Kempen Communicatie
Kempen Media b.v. is partner van Kempen Communicatie b.v.
Kempen Communicatie: Strategie, Creatie, Realisatie