Het verhaal van de vergeten kampioene

Met zijn nieuwe documentaire ‘Wiesje Vaessen, de vergeten kampioene' wil documentairemaker Theo Linssen uit Horst een nieuw licht werpen op zijn moeder. Als wedstrijdzwemster was Wiesje de eerste Limburgse vrouw die meedeed aan de Olympische Spelen. De documentaire is genomineerd voor het landelijke festival van NOVA en zal binnenkort te zien zijn in 't Gasthoês en op L1.

In Londen (1948) en Helsinki (1952) behaalde Wiesje Vaessen in totaal drie medailles. Toch is ze in de vergetelheid geraakt, vertelt zoon Theo Linssen: “De documentaire gaat naast haar zwemcarrière ook over de invloed die ze achter heeft gelaten op mijn zus en mij en over de vergankelijkheid van roem. Ze was bekend, ereburgeres van Heerlen, beschermvrouw van zwemclub HZPC, maar een aantal jaren later werd ze al vergeten. Toen ik met de gemeente in Heerlen belde, wisten ze ook niet meer wie ze was, ook al was ze ereburgeres. Dat raakte me. De documentaire gaat over de vergankelijkheid van roem, vandaar de titel ‘de vergeten kampioene’, maar het schetst ook haar carrière. Het is een monumentje voor haar.” In de documentaire maakt Theo als het ware een reis door de tijd. “Samen met de dochter van mijn zus, dus mijn moeders kleindochter, ga ik op zoek of er sporen van haar te vinden zijn. We gaan naar Heerlen en naar de plek waar het zwembad vroeger was. Vervolgens vertel ik over haar carrière en de rol die journalisten vroeger speelden. In het verhaal na haar overlijden vraagt mijn nichtje dan waarom ik het zo belangrijk vind om haar verhaal te vertellen, als mijn moeder daar zelf niet zoveel belang aan hechtte. Met mijn zus ga ik dan in gesprek over wat ze nagelaten heeft, waarna het verhaal een verrassend einde heeft.”

Krantenknipsels
In huize Linssen-Vaessen kon je niet om het zwemmen heen. “Marièlle Martens van HZPC noemde ons huis altijd het clubhuis van de vereniging. Mijn vader was secretaris, dus ons huis lag altijd vol met papieren. Ik ben als het ware in het zwembad opgegroeid en ik waterpolo nog steeds. Het feit dat mijn moeder zo'n topprestatie had neergezet, dat was helemaal niet zo'n item bij ons thuis vroeger. Mijn moeder liep er nooit mee te koop.” Wiesje overleed in 1993, maar de herinnering leeft nog voort. “Op zolder ligt het archief van mijn moeder, alle krantenknipsels en foto's. Zo'n tien jaar geleden heb ik dat geordend. Er lag een doos van de tijd dat mijn ouders net verkering hadden. Drie jaar lang schreven ze elke dag brieven naar elkaar. Daar kreeg ik het idee om er iets mee te doen.” Tijdens het maken van de film leerde Theo ook nog het een en ander van zijn moeder kennen. “Doordat je het verhaal van je moeder terughaalt, krijg je haar ook weer een stukje terug. Als zoon ontdek je ook een heleboel nieuwe kanten. Ik dacht dat, toen ze uit Helsinki terugkwam, ze meteen stopte met zwemmen. Maar ik kwam erachter dat ze twee maanden nadat ik geboren was weer gewoon volop bezig was.” Hoe zou Wiesje zelf terugkijken op de documentaire? “Ik denk dat zij het geweldig zou hebben gevonden. Ze zou zich waarschijnlijk wel ongemakkelijk voelen vanwege alle aandacht, maar ze zou wel trots zijn dat ik die gemaakt had. Na de film hoop ik dat mensen mijn moeder als een warme, betrokken vrouw herinneren. Ze heeft veel voor de zwemclub gedaan. De prestaties vond mijn moeder niet zo belangrijk.”

Filmfestival
Theo's film werd genomineerd voor het landelijke festival van NOVA (Nederlandse Organisatie Van Audiovisuele amateurs). “Vorige week waren de Limburgse Filmdagen van CineLOVA. De Limburgse jury beoordeelt, maar de NOVA komt ook kijken. Zij zoeken de films uit die ze mee willen nemen naar het landelijke festival. Mijn film kreeg van de Limburgse jury de prijs voor beste scenario, maar viel verder buiten de prijzen. De nationale jury koos mijn film en ook die van Arie Stas uit Horst. Hij had films had gemaakt over islamitisch Iran en over zijn zoektocht naar de grafkelder van de familie van Wittenhorst. Ik vond het wel opmerkelijk dat de Limburgse jury ons langs zich liet liggen, terwijl de Nederlandse jury ons nomineerde. Het was ook heel bijzonder dat de Limburgse Filmdagen in het Luxortheater in Heerlen waren, omdat mijn moeder daar in haar brieven over schreef.” Documentairemaker Ruud Lenssen begeleidde het coachingstraject voor amateurfilmers, waar Theo aan deelnam. Ruud stuurde de film naar L1, waarop hij een budget beschikbaar gesteld kreeg om de film verder te ontwikkelen. “Daarmee heb ik de film wat kunnen professionaliseren. Er waren een aantal verhaallijnen die voor mij leuk waren, maar voor het grote publiek wat minder. Beeld- en geluidkwaliteit moesten allemaal op een hoger niveau. Tijdens het openingsweekend van de Olympische Spelen komt de film op L1. De week daarvoor, op zondag 18 juli, presenteren we de film in 't Gasthoês.” Geïnteresseerden kunnen hiervoor mailen naar koeske@hetnet.nl

Tekst en beeld: Koen van Meijel