Geplukt Jos Wijnen Grubbenvorst

Deze Grubbenvorstenaar omschrijft zichzelf als ‘opvallend onopvallend aanwezig’. Hij is onder andere betrokken bij VVV-Venlo, Ondernemers Collectief Grubbenvorst, SVZ’57 Grubbenvorst en de Historische Kring Grubbenvorst-Lottum. Ondanks dat hij 2,5 jaar geleden met pensioen ging, verveelt hij zich dus niet. Deze week wordt Jos Wijnen (66) geplukt.

Na 46 jaar bij de Belastingdienst te hebben gewerkt, kon Jos Wijnen op zijn 64e met vervroegd pensioen gaan. “En daar heb ik dankbaar gebruik van gemaakt. Ook mijn vrouw Ria is sinds een jaar met pensioen en we genieten daar nu samen van. Buiten corona schijnt voor ons de zon.” Als Jos had gewild, had hij na zijn pensioen zijn week kunnen vullen met bestuursfuncties en vrijwilligersklussen. “Ik werd al snel door verschillende organisaties gevraagd, maar ik ben daar wel selectief in. Ik vind het belangrijk om bij te dragen aan een stuk vorming. Zo ben ik lid van de stuurgroep samenwerkingsverbanden van VVV-Venlo. We werken samen met tachtig amateurclubs, waarvan tien afkomstig uit de Duitse grensstreek. We organiseren onder andere jeugdvoetbaltoernooien, waaronder het U13 in Grubbenvorst en U10 in Horst. Werken met jeugd vind ik leuk, het houdt je jong van geest.”

Historie
Als kind wilde Jos dan ook eigenlijk onderwijzer worden. “Aardrijkskunde- of geschiedenisdocent, dat leek mij leuk. Uiteindelijk ben ik dus bij de Belastingdienst terecht gekomen, waar ik verschillende functies heb gehad. De laatste twee jaar voor mijn pensionering was ik betrokken bij een landelijk project dat verenigingen en stichtingen begeleidt op fiscaal gebied. Dat paste echt in mijn straatje.” Jos mag dan geen geschiedenisdocent zijn geworden, hij houdt zich nog wel bezig met historie. Zo is hij lid van de museumcommissie van VVV-Venlo en is hij vanuit de Historische Kring betrokken bij een drietal projecten in Grubbenvorst. “Vorig jaar hebben we vier glas-in-loodramen, waarvan één met een afbeelding van pastoor Vullinghs, laten plaatsen in Zorgcentrum La Providence. In december komt er een kunstwerk ter ere van kunstenaar Cees van den Bergh en in het verlengde daarvan willen we een expositie organiseren. Daarnaast willen we in 2021 een gedichtenbundel uitbrengen van dorpskapper Harry Jacobs.” Bestuursfuncties wil Jos niet meer, hij zet zich liever op projectmatige basis in. “Ik vind het leuk om de basis te leggen, iets op de rit te zetten en het dan over te laten aan nieuw bloed.”

Verenigingsman
Jos groeide op aan de Horsterweg in Grubbenvorst, op de grens van Horst en Grubbenvorst. Op zijn 17e verhuisde het gezin naar het centrum van het dorp. “Ik had een onbevangen jeugd en kreeg de kans om mezelf te ontplooien. Mijn vader, die op jonge leeftijd is gestorven, was een echte verenigingsman, dus dat heb ik niet van een vreemde. Ik had één jongere zus, die helaas acht jaar geleden is overleden.” Jos trouwde in 1976 met Ria. “We hebben elkaar in de kroeg leren kennen. Ze is een echt Grubbenvorster ‘megje’. Waarom zou je het ver gaan zoeken, als het dichtbij rondloopt”, zegt hij lachend. Samen kregen ze een zoon en een dochter en hebben ze drie kleindochters. Reizen is iets wat beiden graag doen. “Dat doen we in groepsverband met een reisorganisatie. In 2015 zijn we naar Indonesië geweest, in 2016 naar China en in 2018 naar Zuid-Afrika. Voor dit jaar stonden Vietnam en Cambodja op de planning, maar dat kon jammer genoeg niet doorgaan. Andere culturen leren kennen vinden we allebei interessant. De wereld houdt niet op bij Grubbenvorst.”

Indonesië
De reis die de meeste indruk op hem maakte, was die naar Indonesië. “De vader van Ria was als militair gelegerd in Indonesië. Hij had de altijd de wens om nog eens terug te gaan. Ook hij is jong gestorven, waardoor dat niet is gelukt. Voor ons was het heel bijzonder om die plekken in Indonesië te kunnen bezoeken waar hij is geweest. We hadden zelfs de mogelijkheid om een deel van zijn as uit te kunnen strooien bij Soerabaja, waar enkele van zijn legerkameraden begraven liggen.”

Voor zijn vrijwilligerswerk kreeg Jos in 2000 een Koninklijke onderscheiding en in 2004 de Golde Aspergestaeker, die uitgereikt wordt aan personen die zich hebben ingezet voor Grubbenvorst. “Ik treed niet graag op de voorgrond, ik hoef ook niet geëerd te worden met bloemen aan de finish. Maar die twee onderscheidingen waren wel memorabele momenten. Bij mijn afscheid van de Belastingdienst werd ik omschreven als opvallend onopvallend aanwezig. Dat etiket past bij mij, het is een rol waar ik me prettig bij voel.”

Tekst: Marieke Vullings
Beeld: Egon Notermans