Corona grote financiële tegenvaller gemeente

Gemeente Horst aan de Maas komt uit een positief jaar. Ze sloot 2019 af met een positief saldo van 1,1 miljoen euro. Corona raakt de gemeente al hard in 2020 en de voorspelling is dat het zal nog enige tijd zal voortduren.

De gemeente is financieel tevreden over 2019. Waar ze in de periode 2015-2018 te maken had met oplopende kosten voor zorg en ondersteuning, ziet Horst aan de Maas in 2019 een daling van 375.000 euro ten opzichte van 2018. Daarnaast stelt het College van B&W de gemeenteraad voor om 514.000 euro over te hevelen naar 2020 om de werkzaamheden uit 2019, die nog niet voltooid waren, alsnog op te pakken of af te ronden. Daarnaast stelt het college voor om 490.000 euro te reserveren voor het behoud van kennis in de organisatie. In de komende jaren gaan namelijk veel medewerkers van de gemeente met pensioen. Om te voorkomen dat hun kennis uit de organisatie verdwijnt, is het de bedoeling dat zij hun opvolgers zelf inwerken. Zo kunnen de geplande projecten en werkzaamheden gewoon doorgaan. Ten slotte wil het college het restant van 163.000 euro terugstorten in de algemene reserve.

Uitdagingen
Thijs Kuipers, wethouder financiën, kijkt met tevredenheid terug op 2019, maar is ook bezorgd over 2020: “Als ik kijk naar de enorme inzet van inwoners, vrijwilligersorganisaties en ondernemers voor de leefbaarheid van Horst aan de Maas, dan kijk ik met tevredenheid terug op 2019. Ik ben ook erg blij met hun input waarmee we beleid kunnen opstellen of verder aanscherpen. Die gesprekken blijven we natuurlijk voeren, ook in 2020 en daarna. Daarnaast blijkt ook uit deze jaarrekening dat we onze financiële huishouding nog steeds goed op orde hebben. Tegelijkertijd kijken we als college met de nodige bezorgdheid vooruit naar de komende jaren. Net als andere gemeenten in Nederland zien we fors teruglopende inkomsten van de Rijksoverheid. En de economische effecten van de coronacrisis zijn nog niet bekend. We komen dus nog voor uitdagingen te staan. Maar ik heb het vertrouwen dat we die in Horst aan de Maas samen aankunnen.”