Sinaasappelschillen dumpen tegen verwoestijning van Swolgen

Timo Jetten (11) en Lucas van Rijswijck (10), beiden uit Tienray, zijn onlangs begonnen met het dumpen van sinaasappelschillen in de bossen van Swolgen. Naar schatting hebben ze er nu tussen de 100 en 200 kilo geloosd. Hiermee doen ze onderzoek naar het effect dat deze schillen hebben op de leefomgeving van dieren..

De aanleiding hiervoor is op school terug te vinden. Timo (groep 8) en Lucas (groep 7) zijn leerlingen van KCSTip in Swolgen en doen daar aan onderzoekend leren. In het kader hiervan zijn ze iedere periode tussen de verschillende vakanties onder schooltijd bezig met een bepaald thema. “We hebben dan geen losse vakken meer zoals Nederlands of rekenen, maar we zijn in die tijd volop bezig met dat thema en we kunnen alles doen, zolang dat maar in het kader van dat thema is. Hierin krijgen we dan ondersteuning van de leraren”, vertelt Lucas. Momenteel zijn ze bezig met het thema ‘bedreigde diersoorten’. “Met de klas zijn we bij dat thema in vier hoeken verdeeld, waarbij iedere hoek van de klas weer een ander continent is”, vertelt Timo. “Wij hadden Oceanië en als er iets is wat bij Oceanië hoort, dan is dat wel woestijn. Dat leek ons een leuk onderwerp en dus zijn we daar verder op ingegaan met de onderzoeksvraag: Wat kunnen wij mensen tegen de verwoestijning doen? Veel voedselproblemen komen door verwoestijning. In een woestijn groeit niets, dus daar leeft ook niets.”

Om een antwoord op die vraag te vinden, gingen Timo en Lucas op onderzoek uit en zochten ze artikelen bij elkaar. Eén artikel sprong er voor Timo en Lucas tijdens het onderzoek tussenuit: een artikel over een regenwoud in Costa Rica, waarbij een deel van het regenwoud tot woestijn was verworden en opnieuw tot leven is gebracht met sinaasappelschillen. Dit is een project waarbij 16 jaar lang sinaasappelschillen zijn gedumpt op een grote vlakte van het tot woestijn verworden stuk regenwoud. “Precieze afmetingen van dit stuk weten we niet, maar ze kwamen er in ieder geval iedere dag met drie vrachtwagens vol met sinaasappelschillen die daar dan gedumpt werden. Na een tijdje is op dit gebied het regenwoud weer terug gegroeid en zag je dat ook de dieren daar weer terug kwamen.” En dat is ook het punt waar het aansluit met het thema bedreigde diersoorten. “Uiteindelijk vormen die bossen en regenwouden toch de leefomgeving van de meeste dieren”, geeft Lucas aan.

Op het moment van schrijven zijn de jongens al twee weken bezig met eenzelfde experiment. In de bossen achter de school hebben ze een kleine vlakte van ongeveer 5 vierkante meter, waar ze iedere dinsdag en donderdag sinaasappelschillen heen brengen. Deze worden iedere dag opgehaald bij de plaatselijke supermarkt en komen daar uit de sinaasappelpers. Het stukje grond hebben ze in samenspraak met gemeente Horst aan de Maas en de eigenaar van het stuk mogen afzetten met lint, om te voorkomen dat andere mensen er spullen dumpen. Ook staat er een bordje bij dat het is afgezet in samenspraak met de gemeente. De verhoudingen liggen iets anders dan in Costa Rica, maar de jongens hebben toch al ergens tussen de 100 en 200 kilo aan schillen liggen op het stuk. “En de eerste veranderingen zijn al zichtbaar”, vertelt Lucas. Op het afgezette stuk is inderdaad te zien hoe er gras is gaan groeien tussen de schillen, maar ook een stukje van de berg met schillen af. “We weten zodoende ook nog niet zeker of dat het toeval is of dat het echt aan de schillen ligt”, vult Timo aan. “We weten dat de schil de grond weer vruchtbaar maakt, maar waar dat precies in zit weten we nog niet. Daar doen we nog volop onderzoek naar. Net zoals de vraag of schillen van andere soorten fruit hetzelfde effect zouden hebben.”

Ze krijgen veel positieve reacties, zowel vanuit de supermarkt en de gemeente als van de eigenaar van het stuk grond. Maar ook vanuit de school. “Ze vinden dat we zo goed bezig zijn, dat we hier drie maanden langer mee bezig mogen zijn. Normaal gesproken zou dit ophouden met de herfstvakantie”, vertelt Lucas. Wat verwachten ze dat na drie maanden het resultaat is? “In ieder geval heel veel gras”,
vertelt Lucas.