Emotie bij onvrede plan huisvesting arbeidsmigranten Tienrayseweg

In een emotioneel betoog tijdens de raadsvergadering van 26 november aan de raad en wethouder Bob Vostermans laat mevrouw Swinkels, een bewoner van de Tienrayseweg in Horst, weten tijdens het burgerpodium niet tevreden te zijn met de werkwijze van gemeente Horst aan de Maas. Volgens haar zou de gemeente niet voldoende haar buurt hebben ingelicht over een grootschalig arbeidsmigrantenproject aan de Tienrayseweg.

“Als alle plannen nu doorgaan, krijgen we snel 114 nieuwe buren”, begint Swinkels. “Wij hebben van deze plannen vernomen door zelf onderzoek te doen, niet de directe terugkoppeling door gemeente Horst aan de Maas zelf. Het is de normaalste zaak dat de buurt wordt betrokken bij dit soort plannen, niet dus. Ook zou er een omgevingsdialoog zijn geweest, niet dus. Ik diende gisteren mijn verzoek in om hier te spreken en prompt krijg ik vandaag een telefoontje voor een afspraak met wethouder Vostermans. Dat kan toch niet?”

Geen applaus
Vostermans weerlegt dat laatste meteen. “Dat was dan puur toeval”, zegt hij. “Ik wist niets van uw aanvraag af. Wel kan ik u zeggen dat we meerdere malen met u contact hebben proberen op te nemen over deze zaak, telkens tevergeefs.” Een heftig nee-schudgebaar is vanuit de tribune te zien, Swinkels is het hier niet mee eens. Het lijkt op een welles-nietesdiscussie uit te lopen, maar de wethouder is standvastig: “We hebben veel onderzoek gedaan naar de beste locatie, en deze is daaruit gebleken. Bij dit soort discussies is er altijd iemand niet blij. Soms moeten we dan maar accepteren dat we niet bij elk plan een applaus krijgen.”

Veiligheid
Swinkels blijft het niet eens met de wethouder. Ze waarschuwt voor de gevaarlijke situaties die kunnen ontstaan als de arbeidsmigranten aan de Tienrayseweg worden gehuisvest. “De veiligheid van schoolkinderen, ouders en uitgaansjongeren gaat achteruit op al een overbezette Tienrayseweg. Probeer voortaan dit soort plannen in betere banen te leiden, bij ons heeft het een flinke deuk in vertrouwen opgelopen”, eindigt Swinkels.

Tekst: Niels van Rens