Geplukt Frits Gielen

De tijd van hard werken in de kassen heeft hij inmiddels achter zich gelaten. Nu spendeert hij zijn tijd vooral en is hij letterlijk en figuurlijk een bezige bij binnen het imkersvak. Deze week wordt Frits Gielen (75) uit America geplukt.

Bij binnenkomst begint Frits meteen verhalen te vertellen over de jaren die hij heeft meegemaakt toen hij nog een eigen agrarisch bedrijf had waarbij hij augurken en tomaten teelde. Met passie vertelt hij over het bestuiven van zijn tomatenplantjes. “Hard werken was het in die tijd”, zegt Frits. “Vrije tijd had ik niet en dat vond ik ook niet zo erg. Het is heerlijk om tussen de groene planten te werken in de kassen. Ik had een eigen bedrijf en teelde onder andere tomaten.”

De jaren 90 was een periode waarin de agrarische sector hoogtijdagen vierde op gebied van innovatie. “Er waren verschillende studiegroepjes die onderzoek deden naar de planten en deze resultaten uiteindelijk uittestten op het gewas. Ik zat ook in zo’n groepje. Eén keer per week kwamen we bij elkaar en zo leerden we ontzettend veel.” Frits vertelt over een nieuwe manier van werken die opkwam in die periode. “Tegen­woordig heel normaal, maar toen helemaal nieuw: het bestuiven van de planten. We bestoven toen eigenhandig de planten. We liepen dan met een aantal mensen door de rijen met planten en tikten met een stang tegen het draad waar het gewas aanhing. Zo dwarrelde het stuifmeel uit de bloemen van de plantjes naar beneden en bevruchtten ze de rest. Je tikte tegen het draad en liep daarna een paar meter verder en ga zo maar door. Zo konden we vlot door de rijen rennen.” In die periode was er een nieuwe manier gevonden om de planten te bestuiven: bijen. “Doordat we bijenkastjes in de kassen ophingen, bestoven de bijen de plantjes voor ons. Wij hadden hier dus geen werk meer aan en zo kon de natuur haar gang gaan.”

Droom eigen bedrijf
Deze wijsheden heeft Frits onder andere geleerd op de lagere- en hogere tuinbouwschool, Vakschool voor Hoveniers en een aantal cursussen. Maar ook wist hij veel van de praktijk door het bedrijf van zijn ouders. “Ik groeide op in Maasbree samen met vier zussen en vijf broers. Ze werkten allemaal mee in het agrarisch gemengd bedrijf van mijn ouders. Later verhuisde een aantal van hen naar een andere sector zoals het onderwijs of ging verder als timmerman. Ik hielp altijd veel mee in het bedrijf, maar mijn droom om een eigen bedrijfje te starten, bleef maar hangen.” Frits vond samen met zijn vrouw Marga een huis en een grote plak grond in America en verhuisde. “Daar bouwde ik de kas en begon mijn bedrijf. We teelden eerst augurken en daarna tomaten.”
Het imkersvak heeft Frits geleerd door het volgen van een cursus. Inmiddels is het bedrijf van Frits gestopt, maar zijn hobby als imker is gebleven. “Dat doe ik er voor de hobby bij in mijn eigen tuin.” Onlangs ontving Frits nog een gouden speldje van de Nederlandse Bijen Vereniging America/Sevenum. “Ik was 40 jaar lid van de club en kreeg daarom een waarderingsspeldje tijdens een ledenvergadering. Dat is een mooie waardering.”

Zingen
Inmiddels geniet Frits graag van zijn oude dag in zijn huis aan de Jacob Poelsweg. Naast het bijenvak, zingt hij ook graag. “Dat is altijd mijn grote hobby geweest. Jaren terug zong ik in drie verschillende koren: Cantaremos (gestopt, red.), Gregoriaans en het kerkkoor. Bij die laatste zing ik nog steeds.” Eén keer in de twee weken repeteren de koorleden. “Een ontzettend leuke groep die uiteindelijk uitgegroeid is tot een vriendenkring. Het zingen nemen we wel uiterst serieus. Soms een grapje tussendoor mag dan wel.”

Muzikale familie 
De muzikaliteit is terug te zien in de familie van Frits. Zijn drie zoons zijn behoorlijk muzikaal. “Allemaal doen ze iets of hebben ze wat gedaan met muziek. De één kan goed overweg met een orgel en de ander met een blaasinstrument. Dat is wel mooi om te zien.” Zijn kinderen wonen met een flinke afstand van Frits af. “Vanwege het vak dat ze hebben geleerd, zijn ze allemaal verhuisd van America naar een stad elders in het land. Dat is soms wel lastig als je ze wilt bezoeken, want dat is toch een flinke reis. Gelukkig bezoeken ze America regelmatig en kan ik ook onze zes kleinkinderen zien. Laatst hield één van hen nog de communie. We zijn toen naar Nieuw-Vennep (provincie Noord-Holland, red.) gereisd. We sliepen daar in een hotel. Het was een prachtige communie. Van die momenten kan ik echt genieten.”