Als je er maar in gelooft

‘Als je er maar in gelooft.’ Ik vond het altijd zo’n nietszeggende en weinig betekenende zin, maar in De Limburger las ik vorige week een artikel van Pascale Bruijnen, dat het zinnetje toch wat meer inhoud geeft.

Het artikel ging over de menselijke verbeelding en het visualisatievermogen en haalde er een onderzoekje bij waaruit de kracht van die twee bleek. In het onderzoek waren twee groepen mensen onderzocht: één groep die daadwerkelijk naar de sportschool ging met een voorgeschreven trainingsschema en één groep die niet sportte en zich alleen maar heel helder en gedetailleerd voor de geest haalde in de sportschool te trainen volgens datzelfde schema. Na een tijdje werd van beide groepen de spiermassa gemeten en wonderbaarlijk genoeg was er bij beide groepen een toename meetbaar. Hoewel die toename bij de groep die daadwerkelijk gesport had wat groter was, hadden de visualiseerders dus ook baat gehad bij hun imaginaire trainingsschema. De conclusie die werd getrokken, was dat onze verbeelding daadwerkelijk voor fysieke verandering kan zorgen. Aardig interessant en dus ben ik me nu al een week onze volgende wedstrijd voor de geest aan het halen, van begin tot eind. Bokser Muhammad Ali deed het ook, zo blijkt, en hij was toch een groot sporter, een winnaar. In mijn hoofd heb ik verder mijn thesis al vijftig keer afgerond en zie ik mezelf keer op keer met mijn diploma in mijn hand op de diploma-uitreiking staan. Als je er maar in gelooft. Ik ben benieuwd.

Aniek